Beste collega,
Als artsen en artsen specialisten staan we momenteel nog steeds in de frontlinie om het hoofd te bieden aan een van de grootste uitdagingen ooit uit de gezondheidszorg. Zonder uitzondering neemt ieder voor zich en met zijn eigen bekwaming zijn verantwoordelijkheid op.

Na deze crisis wachten nieuwe uitdagingen. Het risico is niet denkbeeldig dat - gelet op de opgebruikte financiële middelen en de verwachte steun aan de industrie - men opnieuw besparingen zoekt in de sociale zekerheid en vooral dan in de gezondheidszorg. Hervormingen waren reeds vóór de crisis aangekondigd. De voorbije maanden toonden de kwaliteit van ons gezondheidssysteem overduidelijk aan, zeker met artsen actieve partners in de organisatie. Opnieuw zullen we in een prospectief overleg onze verantwoordelijkheid opnemen om met de ruggensteun en kennis van de verschillende beroepsverenigingen professioneel deel te nemen aan het debat om de kwaliteit en de beschikbaarheid te vrijwaren. Het veiligstellen van de professionele werksfeer van de huidige generatie en de toekomst van de intredende jonge artsen is hierbij uiterst belangrijk.

Om zoveel mogelijk een grootste gemene deler te vinden voor innoverende ideeën rond mogelijke hervormingen en hierop prospectief te anticiperen is het van cruciaal belang te weten wat er leeft in het brede werkveld.

Vandaar deze bevraging die een minimum aan tijd inneemt en bedoeld is om ALLE specialiteiten een hoorbare stem te geven.

“De uitgaven voor gezondheidszorg in België bedragen 10.3% van het BBP in 2019.
Samen met Zwitsers en Oostenrijkers behoren de Belgische patiënten tot hoogste eigen bijdrage groep: 19.1% (2018).
Structurele onderfinanciering van de ziekenhuizen door de overheid wordt momenteel opgevangen door:
  • Afdrachten op honoraria (en ten dele ook op “honorariumsupplementen”)
  • Marges op geneesmiddelen en implantaten (verschil tussen de aankoopprijs en de soms veel hogere terugbetaling)
De extramurale zorg werd in het verleden zeer dikwijls ten onrechte verwaarloosd bij het overleg.”

In het kader van het herbekijken van de financiering en de hervorming van de nomenclatuur is het goed om als artsen en als beroepsverenigingen van specialisten hierover onze standpunten te bepalen en eventueel zelf oplossingen te suggereren;

Onze vakliteratuur barst van de kritische stukken en vroegtijdige commentaren op regels die nog moeten gepubliceerd worden.

“Rari nantes” zijn de inhoudelijke opbouwende stukken die verbetering door verandering nastreven via eigen inbreng van ideeën. Een van de hoofdredenen is dat de meeste stukken dikwlijs zijn aangemaakt door het hoofd en uit het hoofd van één iemand in naam van allen. Omdat het ook omgekeerd kan namelijk door brede concertatie een voorstel te ontwikkelen dat vóór iedereen en dóór iedereen wordt gedragen is een brede bevraging aangewezen.

Met hartelijke dank bij voorbaat,

Donald Claeys

T